Wat is een olympische medaille écht waard?
De financiële én fiscale kant van olympisch succes
Nu we helemaal in de ban zijn van Jutta Leerdam en Femke Kok op de 1000 meter schaatsen van de Olympische Winterspelen in Milaan–Cortina 2026, kijken sportfans vooral naar tijden, puntentelling en podiumplaatsen. Maar achter dat moment van eeuwige roem schuilt ook een interessante financiële realiteit. Want wat levert zo’n olympische medaille nu eigenlijk op? En minstens zo belangrijk: hoe werkt dat fiscaal?
Onbetaalbaar… maar soms tóch te koop
Voor de meeste sporters is een olympische medaille van onschatbare waarde. Het is het tastbare resultaat van jarenlange opoffering, trainingen, discipline, blessures, trainingskampen en mentale druk. Toch duiken er af en toe bijzondere verhalen op waarin medailles letterlijk een prijs krijgen.
Zo veilde de Nederlandse sprinter Eugene Omalla zijn gouden medaille van de Olympische Spelen in Parijs voor de zorg voor zijn familie en voor het goede doel Child’s Destiny of Hope in Oeganda. De opbrengst: maar liefst USD 57.000. Een mooi voorbeeld van wat een olympische medaille – los van sportief succes – maatschappelijk kan betekenen.
Wat is de gouden medaille zélf waard?
Tot 1912 waren gouden olympische medailles daadwerkelijk van massief goud. Tegenwoordig ligt dat (helaas voor de winnaars) anders. Moderne gouden medailles zijn gemaakt van zilver, met een coating van ongeveer zes gram puur goud. Met de huidige goudprijzen vertegenwoordigt dat een goudwaarde van circa € 800.
Zilveren medailles bestaan uit sterling zilver. Bronzen medailles – sinds de laatste Spelen in Parijs – zijn gemaakt van puur koper en hebben daarmee een relatief lage intrinsieke waarde. De echte waarde zit dus vooral in het verhaal en de prestatie, niet in het materiaal.
Prijzengeld
Het Internationaal Olympisch Comité (IOC), organisator van de Olympische Spelen, keert zelf géén prijzengeld uit aan atleten. Dat laten zij over aan de individuele landen, waarbij de beloningen doorgaans worden verstrekt door de Nationale Olympische Comités.
Gastland Italië pakt groots uit. Voor een gouden medaille ontvangen sporters € 180.000, een zilveren medaille is goed voor € 90.000 en een bronzen medaille levert € 60.000 op.
Voor Nederlandse sporters liggen de bedragen lager. Tijdens de Winterspelen in Milaan keert het NOC*NSF € 30.000 uit voor individueel goud, € 15.000 voor zilver en € 7.500 voor brons. Bij teammedailles gaat het om (minimaal) € 11.000 voor goud, € 5.500 voor zilver en € 3.500 voor brons. Door bezuinigingen geldt bij deze Spelen bovendien dat maximaal één medaillebonus per sporter kan worden verdiend, ook als meerdere medailles worden gewonnen. Het NOC*NSF heeft daarnaast aangekondigd dat dit voorlopig de laatste Olympische Spelen zijn waarbij medaillebonussen worden uitgekeerd.
Internationaal zien we soms creatievere beloningen. In het verleden ontvingen sporters onder meer auto’s (China en Rusland), kunst, een diamant of een vakantie (Polen), een appartement (Kazachstan) of zelfs een levenslang pensioen (Maleisië) voor behaalde olympische medailles.
Sponsoring en commerciële bonussen
Naast officiële medaillebonussen van de Nationale Olympische Comités kunnen sporters ook inkomsten behalen via sponsorcontracten. Denk aan extra bonussen bij olympisch succes, endorsements, reclamecampagnes en influencer inkomsten. Deze inkomsten vloeien voort uit de commerciële exploitatie van het sportersimago en hangen vaak – direct of indirect – samen met de olympische prestatie.
En dan… de fiscus: hoe worden al die inkomsten belast?
Sporters verdienen hun inkomen vaak wereldwijd. In beginsel heft meestal het (fiscale) woonland van de sporter belasting over het volledige wereldinkomen. Tegelijkertijd heeft ook het land waar de sportprestatie fysiek plaatsvindt vaak het recht om belasting te heffen over inkomsten die met die prestatie samenhangen. Dat kan leiden tot dubbele belasting.
Om dit te voorkomen, sluiten landen belastingverdragen. In vrijwel alle Nederlandse belastingverdragen is een zogenoemde sporters- en artiestenbepaling opgenomen. Deze bepaling geeft het land waar de sportprestatie wordt geleverd het primaire heffingsrecht. Nederland verleent vervolgens doorgaans een vermindering ter voorkoming van dubbele belasting. Lees meer over hoe dit werkt in onze eerdere blog [LINK].
Speciale regels voor de Spelen in Milaan–Cortina
Voor de Olympische Spelen gelden afwijkende regels. Welk land belasting mag heffen over het prijzengeld dat met de Olympische Spelen wordt behaald, verschilt per land en is afhankelijk van het belastingverdrag dat Italië met het betreffende land heeft gesloten. In beginsel kan het gastland het recht hebben om belasting te heffen over prijzengelden die tijdens de Spelen worden uitgekeerd door het land waarvoor de sporter uitkomt, evenals over sponsorinkomsten die nauw samenhangen met de olympische prestatie.
In de afgelopen 30 jaar is het IOC echter steeds intensiever gaan samenwerken met landen die de Olympische Spelen organiseren om belastingvoordelen toe te kennen in het kader van beloningen die tijdens de Spelen worden behaald. Tijdens de Winterspelen van Vancouver in 2010 werd gastland Canada voor het eerst verplicht om een belastingvrijstelling te bieden voor inkomsten die tijdens de Spelen werden behaald door atleten die geen fiscaal inwoner waren van het gastland (zogenoemde niet-ingezeten atleten).
In aanloop naar Milaan–Cortina 2026 heeft Italië in 2020 specifieke wetgeving ingevoerd die voorziet in een belastingvrijstelling voor niet-ingezeten atleten die deelnemen aan de Olympische en Paralympische Spelen. Op grond van deze regeling heft Italië geen belasting over prijzengelden die door buitenlandse landen aan hun sporters worden uitgekeerd. Zo blijven medaillebonussen voor niet-Italiaanse sporters in Italië dus onbelast. De formulering is ruim, waardoor ook inkomsten die nauw samenhangen met de olympische prestatie, zoals influencer-activiteiten, onder deze vrijstelling kunnen vallen.
Daarnaast heeft Italië in 2025 aanvullende wetgeving aangenomen die voorziet in een belastingvrijstelling voor medaillebonussen die worden uitgekeerd door het Italiaans Nationaal Olympisch Comité (CONI) en het Italiaans Paralympisch Comité (CIP) aan Italiaanse atleten. Deze regeling geldt dus specifiek voor sporters die voor Italië uitkomen.
Nederlandse sporters
Wat betekent dit nu voor de Nederlandse sporter? Is een medaillebonus behaald tijdens de Olympische Spelen in Milaan belastingvrij? Helaas niet.
De Italiaanse vrijstelling betekent uitsluitend dat Italië niet zal heffen over deze inkomsten. Nederland behoudt het recht om belasting te heffen over de medaillebonussen en overige inkomsten. In de overeenkomst die topsporters moeten tekenen met het NOC*NSF voordat zij kunnen deelnemen aan de Spelen, wordt hier expliciet op gewezen. Over de genoemde medaillebonussen moet in Nederland dus nog steeds inkomstenbelasting worden betaald.
De echte winst
Onderaan de streep geldt voor de meeste sporters gelukkig nog steeds: hoe mooi de bedragen ook zijn, de medaille zelf blijft het meest waardevol. Die herinneringen – en alles wat eraan voorafging – blijven een leven lang.
Heb je vragen over de fiscale behandeling van sportinkomsten, medaillebonussen of internationale belastingregels voor topsporters? Wij denken graag met je mee.